Sommige uitspraken kunnen vergaande gevolgen hebben …

Bijvoorbeeld als twee kinderen een takje vinden en je als pedagogisch professional zegt dat een tak uiteindelijk een boom kan worden!

Grote ogen. Nou, dat willen ze dan wel eens zien. Hoe dan!?

Er volgt een prachtig tafereel: de pp’er die uitleg geeft en de kinderen die de instructies opvolgen (en steeds meer kinderen die komen kijken/zich er mee komen bemoeien).

Eerst een gat in de grond natuurlijk. Check.

Takje in het gat. Check.

Gat dichtmaken en wat ophopen. Check.

En intussen fantaseren de kinderen al wat voor boom het dan zal gaan worden. Een taartjesboom, is de eindconclusie. En dat dan eerst de blaadjes komen en dan de taartjes. Ze zien het al helemaal voor zich.

Maar dat gaat natuurlijk niet vanzelf. Wat heeft een boom nodig om te groeien? Juist, water.

Gieter erbij, vullen en sprenkelen. Check.

Zo, zie je de kinderen denken, nu even wachten en we hebben een boom en we hebben taartjes.

Maar de natuur laat zich niet opjagen. Ook niet door een groepje ongeduldige kinderen. De tak laten ze staan. De aandacht wordt verlegd. Al zijn er een paar kinderen die regelmatig nog even zijn gaan kijken of de tak niet toevallig … Nee, helaas.

Mooi dat de natuur zo werkt. Al wat klein is, wordt vaak al zo snel groot …